EEN LIED VAN LIEFDE,
‘ZEMER SJEL AHAWA’
juniconcert
van koor Hatikwa o.l.v. Joop Veuger met pianobegeleiding van Lana
Farber en met intermezzo van harp en fluit ( Harmke Heydenrijk en
Rebecca Hector), gegeven op 3 juni in het Bartholomeuskerkje te Beek
recensie Gelderlander 4 juni
'07

Uitslag
van de publieksstemming, die wij voor het 'mooiste Joodse liefdeslied
aller tijden' tijdens het concert hadden georganiseerd (met een dikke
knipoog naar de mooiste-beste-slechtste-lijstes-hype):
Winnaar:
JEROESJALAJIEM SJEL ZAHAV – JERUSALEM OF GOLD
aantal uitgebrachte stemmen 55
1.
EREV SHEL SHOSHANIM, kreeg
3
stemmen
2. DODI LI, 2
3. ABRE TU PUERTA , 2
4. JEDID NEFESJ, 3
5. LOS CAMINOS DE SIRKEDJI,
-
6. ESTERICA SARFATI, niet gezongen
7. MAJO MAJO , 8
8. OY DORTN DORTN,
6
9. MAJN RUEPLATZ, 2
10. ELI ELI , 7
11. MACH TSOE DIE EYGELECH , 4
12. SCHTIL DIE NACHT IS OYSGESCHTERND, 8
13. JEROESJALAJIEM SJEL ZAHAV – JERUSALEM OF GOLD,
10
Zo
ging het programma:
We gingen
samen met het publiek op zoek naar het mooiste Joodse liefdeslied
aller tijden. Dit in het kader van de trend van deze tijd om van alles
lijstjes te maken van wat het beste, mooiste en slechtste is
;-) Wij hebben een nominatie gemaakt van de mooiste
Joodse liefdesliederen, liefde in ruime zin. Die nominatie is het
programma.
Het publiek was ook
"de jury" en het stembiljetwas in het programma gevouwen.
Een stembus stond klaar voor na afloop.
We beginnen
onze zoektocht naar het mooiste lied bij de schepping en reizen terug
in de tijd naar Adam en Eva:
1.
Het eerste liefdeslied is gezongen door Adam, stel je voor: hij was
moederziel alleen op de wereld en toen hij op de middag van de zesde
scheppingsdag uit zijn diepe middagslaapje ontwaakte, wat zag hij opeens
naast zich: een medemens, een nog wel een vrouw in al haar naakte schoonheid
(of omgekeerd). Misschien was het lied dat hij toen zong wel het mooiste
liefdeslied en is dat nooit is overtroffen. Er zijn nog een paar woorden
overgeleverd, opgetekend in Genesis: NBV GEN 2:23 Toen riep de mens
uit: ‘Eindelijk een gelijk aan mij,mijn eigen gebeente, mijn
eigen vlees, een die zal heten: vrouw, een uit een man gebouwd.'
Het hele lied, de verdere woorden en de melodie kennen we niet meer.
Maar wij, het koor, hebben een goede vervanging gevonden: een ander
lied, dat gaat over liefde en dat zich ook afspeelt in een tuin: een
echt romantisch liefdeslied in het Hebreeuws
EREV SHEL SHOSHANIM,
over een avond van rozen en kussen in de tuin
2. In
pijlsnelle vogelvlucht gaan we een aantal belangrijke liefdesmomenten
in het Oude Testament langs:
De liefde op het eerste gezicht tussen Jacob en Rachel:
SV GEN 29: 10 Jakob wentelde den steen van den mond des puts,
en drenkte de schapen van Laban, zijner moeders broeder. 11 En Jakob
kuste Rachel; en hij hief zijn stem op en weende.
de diepe liefde van prins Jonathan voor koning David: 1 SAM. 18:1
Het geschiedde nu, als hij geëindigd had tot Saul te spreken,
dat de ziel van Jónathan verbonden werd aan de ziel van David;
en Jónathan beminde hem als zijn ziel.
Het passionele hoogtepunt in de Bijbel is natuurlijk: Het Hooglied
– Sjier Hasjieriem. Een lied van passie van de hand van Salomo
– of is het een veel later geschreven lied over een haremvrouw
over haar geheime liefde voor een herdersjongen? Daar wijst de tekst
van het volgende lied, gebaseerd op een aantal verzen uit het Hooglied
zeker op, DODI
LI, mijn geliefde is van mij:
Mijn geliefde is van mij en ik ben van hem, de herder bij de lelies
Wie rijst daar op uit de woestijn, wie rijst daar op? Geparfumeerd
met mirre en wierook, Mijn geliefde is van mij en ik ben van hem,
de herder bij de lelies
3. Met
een grote sprong gaan we naar Spanje. In Spanje woonden in de Middeleeuwen
heel veel Joden, die hun eigen variant Spaans spraken: het Ladino.
Op onze reis naar het heden zien we een klassieke romantische balkonscene:
Joodse Romeo zingt een lied zingen naar zijn Joodse Julia bij haar
balkon. ABRE TU PUERTA, Open je gesloten deur,
op je balkon is een helder licht, maar de liefde van mij voor jou,
mijn schoonheid, laten we samen hiervandaan gaan! En zo woedt de passie
nog een paar strofen lang
4. We
komen op onze tijdreis aan in de 16e eeuw en gaan naar het stadje
Tsefat in Galilea, naar de bloeiende gemeenschap van kabbalisten;
beroemde bijbelgeleerden en mystici woonden daar zoals Jitschak Luria,
Josef Caro, Moses Cordovero, Chaim Vital , vanuit onze tijdscapsule
zien we ze één van hun rituelen volgen: als de sjabbat
aanbreekt wandelen ze vroeg in op de vrijdagavond het stadje in optocht
uit om al zingend de heilige dag te verwelkomen, de sjabbat, wat zij
vergelijken met het verwelkomen van de Bruid . En in de loop van de
die dag laat één van hen, Eliezer Azikri, een lied horen
dat hij net gecomponeerd heeft en dat in alle volgende eeuwen onderdeel
zal zijn van de sjabbatliederen: het is
JEDID NEFESJ, een
liefdeslied aan De Eeuwige:
vriend van mijn ziel, meedogende vader
breng uw dienaar dichter bij uw wil
uw dienaar zal rennen als een hert
buigen voor uw glorie
INTERMEZZO:
Harmke Heijdenrijk en Rebecca Hector spelen SHIR AL ETZ
(‘Lied over een boom’)
5. Intussen
zijn bijna alle Joden die zich niet wilden bekeren door koning Ferdinand
Spanje uitgegooid. Dat gebeurde in 1492. Vijftigduizend lieten zich
dopen, honderdduizend trokken weg. Columbus ging naar het westen,
de Spaanse Joden naar het Oosten. Een groot deel kwam terecht in het
Ottomaanse rijk, maar bleven Ladino spreken. We strijken een paar
eeuwen later neer in Istanbul. Er is daar een bloeiende Joodse gemeenschap.
Vanuit onze tijdscapsule zien we daar in de wijk Sirkedji een Joodse
man komen uit het station Sirkedji, dat het eindpunt is van de Oriënt
Expres. Misschien is hij gekomen uit Sarajevo voor een afspraak daar
in de buurt. Hij wandelt door de straten en zijn blik zoekt zijn ‘morena’,
donkergetinte vrouw.
LOS CAMINOS
DE SIRKEDJI,
De straten van Sirkedji, ze zijn vol zand, ik wandel er in kringen
om mijn donkere vrouw te ontmoeten
6. (en
7. Esterica Sarfati vervallen) Laten we de geliefden in Istanbul nog
even volgen. De man uit Sarajevo bleef een vreemdeling in Istanbul.
Hij werd er nooit geaccepteerd. Hij bleef er voor zijn minnares, de
morena, die hij met al zijn liefdeskracht in bleef beminnen, maar
zo’n alleen op passie gebaseerde verhouding is afmattend en
ook dat aspect moet worden bezongen:
MAJO MAJO, ik maal, ik maal water in de vijzel,
niemand heeft meelij met mij, de vreemdeling, denk, dame, aan het
brood en zout dat we samen op hetzelfde kussen aten, daarom zeg ik,
ik ben moe, moe van je vuur.
PAUZE
8.
We verplaatsen ons zowel in tijd als plaats naar Oost-Europa. Daar
wonen van oudsher heel veel Joden, miljoenen leven er in Polen, Rusland,
de Baltische landen, Oekraïne. Uit het Duits hebben ze een eigen
taal gebrouwen: het Jiddisch. De meesten leven in hun sjtetls in grote
armoe. Pogroms vinden plaats. Velen zoeken een betere toekomst overzee,
in de Amerika. We zoomen in op een mailboot op de Oostzee, rond 1900
op weg naar New York. Volgeladen met emigranten, ook Joodse. De zanger
aan dek heeft afscheid moeten van zijn geliefde, hij reist vooruit
in de hoop in Amerika een baantje te vinden.
OY DORTN DORTN, ver, ver over het water ben ik
verdreven en ik verlang naar jou, zoveel tranen vergoten, tot de liefde
ons samenbracht, je ogen zijn als zwarte kersen en je vingers zijn
als pen en inkt zodat je mij brieven moge schrijven.
9. Eenmaal
in Amerika aangeland is het leven keihard. In de fabrieken is het
puur slavenwerk. In de staalfabrieken voor mannen, in de naaiateliers
(de sweatshops) voor vrouwen.
Een liefdeslied, is daar nog energie voor? Misschien even in een korte
pauze, tussen de machines, in bittere toonzetting: MAJN
RUEPLATZ,
Zoek mij niet, waar de blauwe bessen groeien! Daar zul je mij
niet vinden, mijn schat. Waar levens vergaan bij machines, Daar is
mijn rustplaats.
En, als je me werkelijk liefhebt, Kom dan naar me toe, mijn lieve
schat. Vrolijk mijn bedroefde hart op. En maak mijn rustplaats zoet.
10. Maar in diezelfde tijd, de eerste helft van de twintigste eeuw
komt de beweging op om in Palestina een thuisland te creëren:
het zionisme. Het liturgische Hebreeuws is omgevormd tot levende taal,
het Ivrit. We komen een jonge zioniste en kibboetsnik tegen op haar
wandeling bij de ruines van Cesarea, de oude Romeinse stad aan de
Middellandse zee. Het is 1941. Hanna Senesh heet ze en ze is ook dichteres;
ze is onder de indruk van de krachten van de natuur en schrijft: ‘als
ik zie met hoeveel woede de schuimende golven tegen de kust razen
en hoe ze stil en vredig worden als ze op het zand stoten, dan denk
ik dat ons enthousiasme en onze boosheid daar niet veel van verschillen.
Als ze rollen zijn ze machtig en krachtig en als ze de kust raken
breken ze, kalmeren en beginnen te spelen als kinderen op het gouden
zand’.
Deze gevoelens mondden bij Hanna uit in een kort en veel gezongen
liefdeslied aan natuur en God, getoonzet door David Zehavi: ELI
ELI,
Eli, Eli ,mijn God, die geen einde heeft, het zand en de zee,
het geruis van het water en de donder van de hemel zijn het gebed
van de mens
11. Maar
kwade krachten hadden zich in diezelfde tijd in Europa samengepakt.
Joden worden opgepakt, samengedreven in getto’s. Een van die
getto’s is in de Poolse stad Lodz. Een van de 240.000 bewoners
van het getto, Jesaja Sjpigel, zien we zijn kindje toezingen met een
bitter wiegelied over de verschrikkingen die er geweest zijn en die
nog zullen komen:
MACH TSOE DIE EYGELECH,
sluit je oogjes, spoedig zullen vogeltjes over je wiegje cirkelen,
met bagage in ons hand gaan we weg naar het geluk, intens verschrikt
staan we hier en weten niet waarheen de weg voert, storm, hagel en
wind begeleiden ons naar de afgrond van de wereld
12.
Toch is er ook veel verzet geweest. Een van die verzetsstrijders is
Hanna Senesh, die in 1943 vanuit Israël weer naar haar geboorteland
Hongarije is gegaan om bij de partizanen mee te werken aan de redding
van Joden uit de Duitse handen. Ze is opgepakt en na wrede martelingen,
waarbij ze geen namen prijs gaf, geëxecuteerd.
Joodse vrouwen, die meedoen aan het verzet, hebben we nu in het vizier
en misschien is het 1944 als we voor de eerste keer het lied horen,
dat een partizaan aan zijn moedige geliefde en medestrijdster voorzingt,
nadat ze midden in de strenge Poolse winter een konvooi van Duitse
vrachtwagens heeft onschadelijk gemaakt. SCHTIL
DIE NACHT IS OYSGESCHTERND,
Stil, de nacht is vol sterren, en de vorst is streng, weet je
nog hoe ik je geleerd heb een pistool vast te houden. Gemikt heeft
ze, geschoten en geraakt een auto vol wapens. en de volgende morgen
is ze het bos uitgekropen met sneeuwguirlandes in het haar en trots
op de kleine overwinning voor onze nieuwe vrije generatie.
13. We
landen aan in de staat Israël, die na de Tweede Wereldoorlog
is gesticht en we gaan naar de zestiger jaren. Israël bloeit
en groeit. We zien de songwriter Naomi Shemer aan het werk, ze heeft
de opdracht gekregen om het Israëlisch Songfestival van 1967
op te luisteren met een speciaal geschreven lied over Jeruzalem. Met
veel moeite krijgt ze het lied af, drie melancholieke zeer poëtische
coupletten. Het wordt met veel succes uitgevoerd. En nu is het de
afsluiting van dit concert.
JEROESJALAJIEM SJEL ZAHAV – JERUSALEM OF GOLD
de berglucht is helder als water, de geur van dennenbomen wordt
gebracht door de bries van de avondval en het geluid van klokken klinkt.
O, Jeruzalem van goud, van brons en van licht, laat mij het instrument
zijn van al je liederen
Was dit dan misschien het mooiste Joodse liefdeslied?
Gevraagd werd om het stembiljet in te vullen.
De uitslag is inmiddels bekend, zie boven
...

LENTEFESTIVAL
BIJBELS OPENLUCHTMUSEUM 17 APRIL 2006
Het koor
Hatikwa trad op in de namaaksjoel in het plattelands dorpje Beth Juda.
Dat was ter gelegeheid van het lentefestival dat op het terrein van
het museum werd georganiseerd.
Beth Juda is een joods dorp uit het oude Midden-Oosten. De gebouwen
van Beth Juda zijn gebouwd naar een voorbeeld van een Jordaans dorp
uit het begin van de negentiende eeuw
Onder leiding van Jos Sloot en pianobegeleiding van Lana Farber zongen
we drie sets 13.30-14.00 uur/14.30-15.00 uur/15.30-16.00 uur onder
het adagium: joodse liederen uit alle windstreken.
Prima vertolkingen met mooi weer. Een baby-dromedaris werd op deze
dag intussen even verderop geboren.
We zongen
*AVINOE MALKENOE
*MACH TSOE DIE EYGELECH
*ABRE TU PUERTA CERRADA –
*JA’ALÉ
*MAIN RUEPLATS
*JEDID NEFESH
*SCHTIL DIE NACHT IS OIJSGESCHTERND
*DODI LI

ZATERDAGAVOND
5 NOVEMBER 2005
De goede
Nijmeegse waarnemer had in etalages, hallen en op prikborden al dagen
kunnen zien, dat het koor Hatikwa een concert organiseerde onder de
titel "Van Vriendschap gezongen" Het had plaats in de Cenakelkerk
in de zogenaamde Heilig Landstichting, een wijkje omklemd tussen de
gemeentegrenzen van Nijmegen en Groesbeek.
Op
deze wat exotische locatie bieden wij een niet alledaags zangprogramma
met als thema vriendschap. Wij kunnen niet alle delen van de wereld
aan bod laten komen, maar we komen een heel eind met behulp van het
koor Carmina Ludens , dat onder andere ook de Sioux Indianen een stem
geeft en Arabische zang laat klinken
De toon
wordt gezet door Lana Farber met een paar mooie pianostukken.
Daarna neemt Hatikwa het stokje over met liederen over vriendschap
met God, romantiek met de geliefde en de kameraadschap van de partizanenstrijd,
dit alles in Hebreeuws, Jiddisch en Ladino, het Joodse Spaans. Een
van de zangeressen zingt solo een mooi modern Hebreeuws lied, Hitchadshut,
vernieuwing.
Van de Joodse wereld gaan we naar Afrika, speciaal West Afrika waar
Laiba Diawara en Fina Mara vandaan komen. Zij zullen iets laten horen
van de traditie van verhalende liederen uit dat deel van de wereld.
De poëzie
klinkt in de vorm van twee gedichten over vriendschap, ieder koor
leest er eentje.
In Azië ligt Koerdistan en daar komt Mouhadin Molly vandaan,
die aan die herkomst ook de inspiratie ontleent voor zijn drie liederen.
Tenslotte wordt de vriendschap gevierd in een gezamenlijke zangpresentatie
van Hatikwa en Carmina Ludens.
5
maart 2005 : Hatikwa treedt op in de Zwolse synagoge

Ook op
5 maart j.l. was Nederland nog dik onder de sneeuw, in de greep van
een late winter en al een tijdje in de ban van een lichte paniek over
gladde wegen en ontregelde treinen.
De zangers van het koor ‘Hatikwa', het Nijmeegse koor met het
Joods repertoire, hebben zich daardoor niet laten weerhouden om Zaterdagmiddag
in de auto's te stappen en vanuit Nijmegen te vertrekken naar Zwolle
om daar de geplande uitvoering te geven in de synagoge aan de Samuel
Hirschstraat.
De Zwolse
synagoge is een mooi voorbeeld van Hollands-Joodse fin de siècle
architectuur. Het is een ruim gebouw met ramen, geïnspireerd
door de twee tafels van de tien geboden, een thema dat terugkomt in
de balustrade van het balkon, oorspronkelijk het vrouwenbalkon en
nu ingericht als een klein museum met rituele objecten uit de regio,
die gered zijn van vernietiging door de Duitsers en een hoekje van
het balkon dient als gedenkplaats voor de omgekomenen in de Tweede
Wereldoorlog.
Wij zingen:
‘Avinoe Malkenoe',
‘Dodi li', ‘Mach Tsoe di eigelech',met een solootje gezongen
door onze solozangeres Marie Christine, die ook nog het Sjlomo Artzi
lied 'Gewer holech le-iboed' voor haar rekening neemt, het jiddisch
partisanenlied ‘Sjtil die nacht is ojsgesjternt', deels solo
gezongen door Nico, die ook 'Oj Dortn', een jiddisch lied van liefdesverlangen,
zingt. De Ladino liedesliedje ‘Abre tu puerta cerrada' (hoofdrol
voor Karin en Dorothee). ‘Ose sjalom bimromav', het Ladino liefdesliedje
uit de Sefardische Levant en‘Los caminos de Sirkedji' volgen.
Rob Cassuto zingt een van de strofes solo van 'Adon Olam'. Tenslotte
zingt Meda, solo, heel mooi het melodisch begin van 'Cuando el rey
Nimrod', een Ladino lied rond de legende van de geboorte van Avraham
Avinoe.
Lana
Farber verzorgt een pianistisch intermezzo en Joop Veuger geeft met
zijn imposante bas nog drie liederen van Maurice Ravel ten beste ,
waaronder diens versie van het Kaddiesj. Volgens traditie wordt het
optreden afgesloten met het poëtische en nostalgische ‘Jeroesjalajim
sjel zahav', Jerusalem of gold, dat klinkt als een klok in de mooie
akoestiek van de sjoelzaal.
28
januari . 2005, Berg en Dal
Een wat hybride optreden van het koor in een gemeenschapshuis in Berg
en Dal (bij Nijmegen) . Een benefit-concert voor de tsunami slachtoffers.
Hybride, omdat de betrekkelijk serieuse Yiddishe, Hebreeuwse en Ladino
liederen een nogal groot contrast vormden met de evengoed bedoelde
songs als: Can't buy me love, Sealed with a kiss,
11
december 2004, Zwolle
Enkele zangers traden in een gelegenheidcombinatie op tijdens de Chanoekabijeenkomst
in de synagoge in Zwolle.
27
november 2004: Boskapel
Dirigent
Joop Veuger presenteert al zijn koren te Nijmegen voor het goede doel:DE
CANTE, DE ARKSINGERS, DECANTE, EMMAKOOR, HATIKWA, HIGHSHIFT, PROJECTKOOR
KEIZER KAREL, REPAKO
Plaats:
Boskapel, Graafseweg 276, Nijmegen
17
oktober 2004: OPTREDEN IN HOCHNEUKIRCH IN DUITSLAND
Am Sonntag,
den 17. Oktober 2004 sind die Sängerinnen und Sänger in
der Pfarrkirche St. Pantaleon in Hochneukirch zu Gast. lm Rahmen einer
Abendmusik werden sie ab 18.00 Uhr ihr interessantes Repertoire vorstellen.
PROGRAMMA
1. HAL'LUY
AH
2. OSE SHALOM BIMROMAV
3. SCHTIL, DI NACHT IS OJSGESCHTERNT
4. DODIE LIE
5. ADON OLAM
6. AVRE TU PUERTA CERRADA
7. Dl GRINE KUZlNE
8. GEWER HOLECH LE IBUD
9. LOS CAMINOS
10. A WINU MALKENU
11. MACH TSOE Dl EIGELECH
12. DEM MILLNERS TRERN
13. YERUSHALAYIM SHEL ZAHAV
12
mei 2004 , Huize Nijeveld
Het koor
trad woensdagavond 12 mei op in Huize Nijevelt.
De avond was georganiseerd door het Genootschap Nederland-Israel afdeling
Nijmegen, zo bleek mij uit het inleidend woord van wat wel de voorzitter
van de afdeling moest zijn.
Huize
Nijevelt is een omvangrijk bejaardenoord in Nijmegen.
De zaal was dan ook gevuld met grote meerderheid aan bejaarden, hoogbejaarden
en grijsbebaarden.
wat hebben
we gezongen?
1. OSE SHALOM BIMROMAV
2. DODIE LIE
3. MACH TSOE DIE EIGELECH
4. ABRE TU PUERTA
5. AWINOE MALKENOE
6. LOS CAMINOS
7. Dl GRINE KUZINE
8. DEM MILLNERS TRERN (is vervallen)
9. ADON OLAM
10. 0J DORTN
11. GEWER HOLECH LE-IBUD
12. YERUSHALAYIM SHEL ZAHAV